Posts tonen met het label Mexico. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Mexico. Alle posts tonen

zondag, januari 16, 2011

Column Narcostilte

Column uit De Telegraaf van afgelopen vrijdag.
------------------------------------------------------------------------------------
Bewoners van de bierstad Monterrey, de Mexicaanse thuisbasis van Heineken, schrokken deze week op van een granaataanval op de lokale krant El Norte. Of de heren en dames journalisten even wilden dimmen, was de bijgevoegde boodschap van een drugsbende.

Dit soort intimidatie is schering en inslag in het noorden van Mexico. Media durven daardoor nauwelijks verslag meer te doen van de drugsoorlog, die vorig jaar een record van 15.273 doden boekte.

Slechts één van de tien drugsmoorden haalt de kolommen van lokale en regionale kranten, bleek onlangs uit onderzoek van de stichting Mepi. De Mexicanen hebben er een mooie term vorm: ‘narcostilte.’

Bij een bezoek aan de redactie van El Norte in Ciudad Juarez, 's lands gevaarlijkste stad, zag ik de journalisten worstelen met die narcostilte. Een misdaadverslaggever vertelde me op fluistertoon (“ook hier moet je op je hoede zijn”) over een primeur die hij onder de pet hield.

Hij was getipt dat een grote groep huurmoordenaars zich schuilhield op een boerderij buiten de stad. Hij wist precies waar.

“Maar het is zelfmoord om dat op te schrijven”, zei hij. Zijn misdaadcollega bij El Norte was al vermoord. “We publiceren alleen nog informatie uit officiële bron. Het heeft geen zin te provoceren tot er een granaat op de redactie wordt gegooid.”

De concurrerende krant in Ciudad Juarez, El Diario, maakte laatst een nog diepere knieval voor de kartels. “Zeg ons wat jullie van ons willen, wat we wel of niet moeten publiceren”, schreef de wanhopige hoofdredactie na de moord op één van haar fotografen. De wereld op zijn kop natuurlijk.

Mexico is het gevaarlijkste land van het westelijk halfrond voor het persgilde. Vorig jaar werden er zeventien journalisten vermoord.

De regering is bezig met een speciale eenheid om journalisten te beschermen. De persvrijheid zou gegarandeerd zijn. Maar volgens journalisten komt een groot deel van de bedreigingen juist van corrupte functionarissen die heulen met de kartels.

Een mysterieuze Mexicaanse student spint garen bij de zelfcensuur van journalisten.

Hij scoort wekelijks miljoenen hits met zijn Blog del Narco, een site vol drugsnieuws en gruwelijke filmpjes van executies. “Om te laten zien wat er echt gaande is in Mexico”, aldus de anonieme klokkenluider.

zaterdag, april 11, 2009

Kraan dicht in Mexico-Stad

Uit de krant van vandaag.
---------------------------------------------------------------------------------
“Water willen we, geen stranden!”, riepen boze demonstranten afgelopen dagen in Mexico-Stad. Tijdens de paasdagen wordt bij 4,5 miljoen mensen de kraan tijdelijk dichtgedraaid. Ze kunnen wel verkoeling zoeken op de kersverse nepstrandjes in de hooggelegen megastad.

De stad van zo’n twintig miljoen inwoners barst uit haar voegen. “Het is vijf voor twaalf. Als we nu niet ingrijpen, hebben we over tien jaar een waterprobleem van historische omvang”, zo luidt scheikundige Luis Manuel Guerra de alarmbel.

Het probleem is door de eeuwen heen gegroeid. Mexico-Stad is gebouwd op Tenochtitlan, de drijvende hoofdstad van het Azteekse rijk. Na de komst van de Spanjaarden zijn de omliggende vulkaanmeren stuk voor stuk drooggelegd. Nu kan alleen in het zuiden van de stad nog toeristisch bootje worden gevaren op de oude kanalen van de Azteken.

Vrolijke boel op de Azteken-kanalen van Xochimilco (zuiden Mexico-Stad)

Voor drinkwater is de stad afhankelijk van afgelegen rivieren, die kampen met een gebrek aan regenval. De overige 70 procent van de waterbehoefte wordt uit het grondwater getapt. Daardoor klinkt de moerassige bodem in en is de stad afgelopen eeuw tien meter verzakt. Gebouwen en waterleidingen zitten vol breuken, waardoor 40 procent van het water weglekt.

De paasdagen worden benut om noodreparaties te verrichten. In de wijken waar de kraan dichtgaat, rijden trucks met water rond om de dorst lessen.

Om een ramp op den duur te voorkomen, komt het volgens experts vooral aan op een mentaliteitsverandering. Het water vloeit in Mexico-Stad vrijwel gratis uit de kraan en er wordt bepaald niet zuinig mee omgesprongen. Waar de Mexicanen gemiddeld 345 liter water per dag verbruiken, is dat in Europese steden 165 liter, aldus Guerra, die pleit voor prijsverhogingen.

zondag, maart 22, 2009

De Mexicaanse ladder is altijd hoger

Uit de krant van vandaag.
------------------------------------------------------------------------------------
Op de zuidoever van de Rio Grande blaast een bedelaar met een rode cape deuntjes op een scheidsrechtersfluitje. Boven op de brug maakt een blinde collega in Goofy-pak een dansje op de melodie.

Merkwaardige taferelen spelen zich af op de bruggen tussen de Mexicaanse drugsstad Ciudad Juarez en het Amerikaanse wapenparadijs El Paso, de grens tussen derde en eerste wereld.

Aan het einde van de brug gaat de rij, na een uur wachten, plots vlot de ‘hemelpoort’ door. Achter de Amerikaanse douane ontvouwt zich een landerige Texaanse stad.

Mensen op straat dragen sombrero’s tegen de woestijnzon. Spaans is de voertaal, want 80 procent van de bevolking van El Paso is ´Hispanic´. Maar verder valt vooral het contrast op met de bandeloze zusterstad Ciudad Juarez.

El Paso is één van de veiligste steden van de VS. Er werden vorig jaar zeventien moorden gepleegd (op 0,6 miljoen inwoners), tegen ruim 1600 in Ciudad Juarez (1,4 miljoen inwoners).

Mede dankzij de lokale legerbasis Fort Bliss en de af en aan rijdende jeeps van de Border Patrol (grenspatrouille) heerst er ‘law and order’ in de straten. In El Paso riskeer je nog een boete van duizend dollar als je een blikje op straat gooit of het waagt de vogels te voeren in een parkje.

Geen wonder dat de schrik voor de Mexicaanse drugskartels er goed in zit in deze Texaanse oase. “Moet je kijken wat gruwelijk”, zegt ‘special agent’ Joseph Arabit van de DEA (Drug Enforcement Administration) in El Paso.

Hoofdschuddend toont de drugsbestrijder een foto van een Mexicaan die is opgehangen met een varkenskop over zijn hoofd. Ook de kiek van een onthoofde agent van de politie Juarez – compleet met kerstmuts op het hoofd – maakt diepe indruk op de man.

'Voor wie het nog niet wil geloven' (Credit: Hector Dayer)

“Interesting”, noemt hij het dat De Telegraaf verblijft in Ciudad Juarez. Zelf waagt Arabit zich daar niet meer. En ook jongere Amerikanen, die de stad sinds de drooglegging in de jaren twintig gebruiken als uitlaatklep, laten de Mexicaanse disco’s en casino’s voorlopig links liggen.

Toch is de drugsoorlog in Ciudad Juarez de laatste weken geluwd, met dank aan de bezetting door het Mexicaanse leger. Met zo’n 8500 soldaten in de stad is de corrupte lokale politie ontwapend en wordt dag en nacht gepatrouilleerd door de straten. Voor het eerst in tijden beleefde de geterroriseerde bevolking afgelopen week zestig uur zonder één executie in de stad.

Aan de overkant van de – goeddeels drooggevallen – Rio Grande bouwen de Amerikanen intussen koortsachtig door aan een hek op de grens. In en rond El Paso is het omstreden stalen bouwwerk bijna af. ‘The Fence’ meet op dit gevoelige stuk grens maar liefst zes meter.

Grensbewakers liggen erachter op de loer om de oversteek verder te ontmoedigen. In totaal slingert het hek, een creatie van oud-president Bush waar toenmalig senator Obama vóór stemde in 2006, over ruim een derde van de ruim drieduizend kilometer lange grens met Mexico. Volgens de Border Patrol is de illegale immigratie daardoor sterk gedaald.

Maar boven het hek blijven dagelijks tienduizenden mensen pendelen over de drie bruggen tussen El Paso en Ciudad Juarez. Veel Mexicanen werken aan de overkant, waar de lonen tien keer hoger liggen.

Omgekeerd laten Amerikaanse fabrieken hun auto’s goedkoop in elkaar zetten aan de andere kant. Bewoners van de grensstreek kunnen een ´lokaal paspoort´ krijgen, al zijn de voorwaarden sinds de aanslagen van 11 september verscherpt.

In het kielzog van alle drukte op de grens slaan de smokkelaars hun slag. “Ciudad Juarez en El Paso vormen één van de belangrijkste routes voor marihuana, cocaïne en Mexican brown” (heroïne), zegt DEA-woordvoerder Arabit.

“Juarez ligt dichtbij de ‘Gouden Driehoek’, het gebied waarin de meeste Mexicaanse marihuana en papaver wordt geteeld. Vanaf El Paso gaan de drugs naar Chicago, New York en Atlanta. Een pond marihuana kost in Mexico 100 dollar, in El Paso 200 dollar en in Chicago al 1200 dollar.”

Het smokkelwaar wordt verstopt in de spelonken van voertuigen, vliegtuigjes en zelfs in lijkkisten, de anus van paarden, empanada’s en pijlen die een inmiddels overleden Mexicaanse boogschutter over de rivier placht te schieten.

Wapens en dollars bewandelen de omgekeerde weg. Volgens een recent rapport van de Amerikaanse rekenkamer is op de zwarte markt van El Paso zwaar geschut uit de Irak-oorlog te koop. Wapenwinkels in de grensstreek doen mede dankzij Mexicaanse criminelen de beste zaken in de VS. Ruim 90 procent van het arsenaal van de drugskartels is van Amerikaanse makelij.

De Mexicaanse president Calderón krijgt veel lof uit Washington voor zijn oorlog tegen de kartels. Mede daardoor zou cocaïne in de VS flink duurder en minder zuiver zijn worden. Maar de Mexicanen eisen meer medewerking van Amerikaanse kant.

“Ze kunnen zich niet achter hun hek verstoppen”, zegt Victor Valencia, de hoogste provinciebestuurder in Ciudad Juarez. “Ok, we beleven een zware crisis. Maar die is deels te danken aan de Amerikaanse verslaving aan drugs en wapens.”

President Obama kondigde deze week aan meer undercover agenten naar de grens te sturen om de wapensmokkel te beteugelen. Volgende maand bezoekt hij Calderón om nieuwe afspraken te maken en komende week gaat minister van Buitenlandse Zaken Clinton hem voor.

Washington overweegt troepen naar de Mexicaanse grens te sturen.
Volgens het Amerikaanse Congres vormen de kartels een “directe bedreiging” voor de nationale veiligheid en zijn hun tentakels voelbaar tot in 230 Amerikaanse steden.


Ceballos: Mexicaanse ladder hoger dan Amerikaans hek

De terugweg van El Paso naar Ciudad Juarez gaat een stuk sneller dan de heenweg. Geen Amerikaanse of Mexicaanse douanebeambte neemt de moeite om papieren of spullen te controleren.

Achter de brug staat Sergio Ceballos reclamefolders uit te delen voor een Amerikaans bedrijf. Volgens hem is de dubieuze kruisbestuiving tussen de zustersteden niet te stoppen. “Het is eigenlijk één stad. En hoe hoog ze dat hek ook maken, er is altijd een Mexicaan met een hogere ladder.”

zondag, maart 15, 2009

Repo Ciudad Juarez

Uit de krant van gisteren.
-----------------------------------------------------------------------------------
Van acht executies per dag in februari naar geen twee per dag in de afgelopen week. De belegering van de gevaarlijkste stad van Mexico, Ciudad Juarez, werpt zijn eerste vruchten af.

Er hangt een geladen sfeer in de grauwe woestijnmetropool aan de Amerikaanse grens. Zwaarbewapende troepen met zwarte lappen voor het gezicht patrouilleren door de uitgestorven straten.

De befaamde disco’s en casino’s van de stad blijven ’s avonds leeg. De bevolking is verlamd van angst, al lijkt de furieuze drugsoorlog tussen het Juarez- en het Sinaloa-kartel even geluwd.

Dit weekend arriveren de laatste van 8500 soldaten en 2300 federale agenten die worden geacht Ciudad Juarez samen schoon te vegen. Het leger controleert inmiddels de lokale politie en de gevangenis en regelt zelfs het verkeer en de inspectie van nachtclubs.

“We willen de klok twintig jaar terugzetten in Juarez”, zegt de woordvoerder van de operatie, Enrique Torres, tijdens een wapencontrole voor de brug die de stad verbindt met El Paso, Texas. “En dat kan alleen met het leger. De stad is volledig geïnfiltreerd door de kartels. Van de politie tot de autohandel tot de disco’s.”

Wapencontrole bij de brug: 'Welkom in Mexico'

Torres is de eerste om toe te geven dat sprake is van “een kakkerlakeffect”. Elders in het noorden van Mexico, waar 90 procent van de cocaïne voor de Amerikaanse markt binnenkomt, gaat het moorden onverminderd door. In Jalisco werden deze week vijf afgehakte hoofden in koelboxen gevonden.

Critici vrezen dat de betrekkelijke rust in Ciudad Juarez stilte voor de storm is. Mensenrechtenwerker Gustavo de la Rosa wijst erop dat de moordcijfers ook vorig jaar maart tijdelijk daalden, net nadat de eerste 2500 soldaten waren neergestreken in de stad. Dat bleken er niet genoeg: eind 2008 stond de teller op 1600 moorden.

“Er is pas reden voor optimisme als het leger de daders gaat oppakken. Wat we nodig hebben is een einde aan de wetteloosheid. En geen staatsgreep zoals het leger nu feitelijk pleegt. Er is geen enkele controle op het doen en laten van de soldaten.”

Sommige bewoners klagen dat soldaten en agenten smeergeld eisen bij wegblokkades. Maar de meesten juichen de bezetting toe. “Het leger is onze laatste strohalm. Erger kan het niet worden”, zegt bakker Rosa terwijl ze een burrito prepareert met haar deegroller.

Tot overmaat van ramp wordt Ciudad Juarez ook zwaar getroffen door de financiële crisis. De lokale economie draait op buitenlandse assemblagefabrieken, voor 70 procent gelieerd aan de gecrashte auto-industrie. De vele bedelaars en lummelende handelaren op straat spreken boekdelen over de werkloosheid.

Wie daarentegen weinig last van de crisis lijkt te hebben, is de machtige capo van het Sinaloa-kartel, de 1.55 meter lange ‘El Chapo’ (Kleintje) Guzman. Op de jongste Forbes-lijst staat hij met een vermogen van een miljard dollar op nummer 701. De Mexicaanse regering reageerde woedend op de eervolle vermelding in het Amerikaanse tijdschrift.

zondag, juni 15, 2008

Mexico levert de doden, de VS de wapens

Achtergrondstuk over de krankzinnige drugsoorlog in Mexico uit de krant van vandaag.
----------------------------------------------------------------------------------
Urenlange veldslagen in de steden en een ongekende 493 executies in één maand. De krankzinnige geweldsexplosie in Mexico toont volgens president Felipe Calderón dat hij de oorlog tegen drugs aan het winnen is. Nog geen kwart van de Mexicanen gelooft dat en critici spreken al van “het Irak van Calderón”.

“Wandelen, winkelen of naar een restaurant gaan, is net zoiets als flirten met de dood,” zo schreef de krant El Universal onlangs met gevoel voor drama. Dat weekend was een stad ter grootte van Rotterdam, Culiacán, collectief gegijzeld.

De bevolking bleef thuis uit vrees voor wraakacties van Mexico’s ‘most wanted’ drugsbaas, Joaquín ‘El Chapo’ Guzmán, wiens zoon net per bazooka geliquideerd was voor een winkelcentrum.

De zondag daarop ontwaakte de hoofdstad van de provincie Sinaloa, nadat ’s nachts weer voorzichtig geswingd was op de vrolijke regionale trompetmuziek, met onheilspellende spandoeken aan de viaducten: ‘Tinnen soldaatjes, agenten van stro, dit is het gebied van Arturo Beltrán.’

‘Regeringen en andere lastposten worden verwijderd.’ ‘Ik ben de baas van het plein. Dit is pas het begin.’

Wat eens te meer bleek toen acht agenten doorzeefd werden in een hinderlaag na een valse melding bij de politiecentrale.

Mexico ziet geschokt toe hoe de niet aflatende drugsoorlog een nieuwe vlucht heeft genomen. Steden in het noorden van het land, waar 90 procent van de Amerikaanse cocaïne de grens overgaat, worden compleet ontwricht door de hondsbrutale drugskartels.

Als reactie heeft Calderón, die het bij zijn aantreden eind 2006 als eerste president waagde het leger massaal op de drugsmaffia af te sturen, duizenden extra militairen naar Sinaloa gestuurd.

Daar belanden ze in het kruisvuur van kartels en bendes die vechten om ‘la plaza’, het territorium. Genoemde Arturo Beltrán en zijn broers voelen zich verraden door Guzmán, de baas van het Sinaloa-kartel, en hebben hun oud-handlanger de oorlog verklaard.

Ze zijn in zee gegaan met de meest geoliede moordmachine van Mexico, Los Zetas, de militaire arm van het Golf-kartel. Een explosief pact dat het volgens analisten in zich heeft de andere kartels en het leger te overrompelen.

Nog geen kwart van de Mexicanen gelooft dat de regering aan de winnende hand is, terwijl 58 procent zijn geld op de kartels zou zetten.

Opvallend genoeg blijkt uit dezelfde peiling van El Universal dat ruim vier op de vijf Mexicanen de drugsoorlog toch steunen en vinden dat het leger moet doorvechten. De zwakke, corrupte politie wordt helemaal kansloos geacht tegen de steenrijke kartels met hun zware wapentuig.

“We gaan deze oorlog niet winnen, maar we kunnen er ook niet mee stoppen. Dit is het Irak van Calderón aan het worden,” aldus politiek analist Jorge Zepeda. De conservatieve president waarschuwt dat de strijd “lang en pijnlijk” zal zijn en laat het leger nog zeker twee jaar doorvechten.

Zijn bondgenoot in Washington, beducht voor het ontstaan van een grote narcostaat pal aan de zuidgrens, draagt met 1,4 miljard dollar een steentje bij komende drie jaar. Een schijntje, vindt Mexico, dat bovendien eist dat de Amerikanen de eigen snuivers harder aanpakken.

“De kartels halen hun bazooka’s en dollars uit de VS en Mexico levert de doden. Het is ironisch,” zegt Klaas Wellinga van de Universiteit Utrecht. De Mexico-kenner deelt de analyse van Calderón in zoverre dat het “onbeschrijflijke recente geweld” het gevolg is van scheuren in de kartels.

“Het leger deelt hen wel klappen uit. Maar de plaatsvervangers staan direct klaar zolang drugs in de criminele sfeer blijven. Het waterbedeffect.”

De woelingen in maffialand, dat voorheen tientallen jaren ongehinderd zijn zakken kon vullen, gaan gepaard met bizar sadisme. Vooral Los Zetas (van ‘Z’, niet te verwarren met de nobele held Zorro) lappen alle erecodes aan de laars en deinzen er niet voor terug slachtoffers te onthoofden en ook vrouwen en kinderen te executeren.

Maar deze voormalige elitesoldaten, veelal in de VS getraind in drugsbestrijding, zijn wel de droom van iedere drugsbaron. Ook oud-militairen uit Guatemala met veel ervaring uit de eigen vuile oorlog vechten mee.

En Los Zetas proberen net als andere kartels het leger uit te hollen met spandoeken in de trant van: ‘Bij ons krijg je wel een goed salaris en hoef je geen smerige soep te eten. Bel nu!’

Dat mist zijn uitwerking niet: dagelijks deserteren tientallen militairen, vaak rechtstreeks naar de gelederen van de vijand.

Wat als de oorlog tegen drugs uiteindelijk zelfs het leger te machtig blijkt? Een vorm van legalisering? In Washington is de animo daartoe nul, maar onder de murw gebeukte Mexicanen klinkt de roep steeds luider.

‘s Lands grootste schrijver Carlos Fuentes: “Dit is alleen op te lossen als een groep van zes, zeven, acht of tien landen zou beslissen de drugs geleidelijk uit de criminaliteit te halen.”

maandag, augustus 20, 2007

Op naar Yucatán en Amsterdam

Brazilië, tsja, dat land gaat dus echt helemaal aan me voorbij de laatste weken. Meer dan een aardige uitvalsbasis is Rio dezer dagen niet.

Bolivia is momenteel stukken boeiender dan Brazilië, maar dat vertel ik vanaf volgende week wel, wanneer ik even terugkom naar Nederland.

De aardbeving in Peru heb ik via internet gevolgd, maar morgen hoop ik in Mexico wel te kunnen debuteren als rampreporter ter plaatse.

Ik lees dat het vliegveld van Cancún vanavond om 22.00u lokale tijd sluit vanwege de orkaandreiging; kijken wat er terecht komt van mijn vlucht uit Miami morgenochtend. Mocht dat niets zijn, lukt het wellicht om het gebied via Belize te bereiken, ook een lekker landje om weg te strepen op het ‘to travel’-lijstje.

Ter afleiding enkele foto’s van lokale fauna rond het Titicaca-meer (o.a. een lunchende alpaca) en Evo op onafhankelijksdag 6-8 in Sucre.

Hemel en aarde bewogen voor het gewenste interview, maar zonder succes. Evo is naar verluidt nog lastiger te strikken dan Lula.